Adem

En toen opeens stopte het. Van de ene dag op de andere. Er was niet echt een aanleiding maar mijn lichaam besloot: het is genoeg geweest. Ik houd ermee op. Ik ging slapen met drukkende hoofdpijn en stond op met het gevoel dat ik onder een pletwals had gelegen, de ganse nacht lang. Misschien wel de afgelopen twee en een half jaar. Of zelfs mijn hele leven al. In elk geval, negeren was niet langer een optie. En met dat besef, trof het mij als een mokerslag. Dit kwam niet uit de lucht gevallen.

Natuurlijk is er wel een aanleiding, sterker nog, ik kan waarschijnlijk een uit de kluiten gewassen container vullen met directe en indirecte aanleidingen. En onderliggend is er die altijd aanwezige angst, soms sluimerend, dan weer acuut, die me op de meest onverwachte momenten overvalt en me de adem letterlijk beneemt. Zelfs voor Mona ziek werd, was ik er niet vrij van, eeuwige piekeraar die ik ben en – uiteraard – perfectionist en hoogsensitief, om het plaatje compleet te maken. Maar het bizarre is dat ik vanaf dag één na Mona’s diagnose die knop volmaakt heb kunnen omdraaien. En niet alleen omdat het moest – blijven ter plaatste trappelen was immers geen optie – maar vanuit een innerlijke kracht, die ik als heel sterk en positief ervaren heb. Mona’s ziekteperiode is voor ons allen een proces geweest. In de eerste plaats voor haarzelf, maar ook ik merk dat ik gedurende de afgelopen jaren een traject van persoonlijke groei heb doorgemaakt. Een min of meer stijgende lijn, die me op mijn kwaliteiten gewezen heeft, meer dan op mijn falen en mijn kleine kantjes.

En toch… die eeuwige tweespalt. Tegenover zoveel positieve energie heeft ook het vernietigende beestje dat angst heet zijn werk gedaan. Terwijl mijn lichaam en geest in opperste paraatheid over steile bergkammen klauterden, wrat het lelijke ding zich een weg doorheen mijn lijf, tot het uiteindelijk aan mijn gedachten begon te knabbelen. Subtiel aanvankelijk, waardoor ik het slechts af en toe gewaar werd, maar niet al te ernstig opnam. Zoals gezegd, het was te negeren. Als ik maar verder doe, dacht ik. Als ik maar… dan gaat het wel weer weg. Als ik maar naar de signalen van mijn lichaam geluisterd had, denk ik nu.

Angst. Het is iets wat velen onder ons proberen verbergen. We lachen het weg of we verdoezelen het in onze dagelijkse bezigheden. We moffelen het ergens tussen de lijnen van onze overvolle agenda, daar in die omgeplooide hoekjes waar we liever niet kijken. De ezelsoren aan ons blad, die ons er toch altijd stiekem aan herinneren dat iets niet helemaal loopt zoals het zou moeten. Wat als… Wat als ik niet alles perfect in mijn zo welgevormde hokje kan duwen? Wat als ik ongewild buiten de lijnen kleur? Wat als het mij vandaag niet lukt om de mij zelf opgelegde norm te behalen?

Want ja, hoe langer hoe meer geraak ik ervan overtuigd dat iedereen ernaar streeft die norm te bereiken, of beter nog, te overstijgen. Pas dan kunnen we geslaagde kiekjes plaatsen op sociale media. Pas dan kunnen we opgelucht ademhalen en beginnen met het turven van het aantal likes. En uiteraard hopen dat die talrijk zijn, want ook dat kan één van onze angsten zijn. Dat we ondanks al onze pogingen onszelf in the picture te plaatsen toch onzichtbaar blijven.

Angst is er in vele gedaantes. Van de schrik om er niet bij te horen tot de ultieme waanzin om gek te worden van eenzaamheid. Om nog maar te zwijgen van de angst omwille van de angst. Ik heb het intussen verschillende keren ervaren: het radeloze bonzen van mijn hart, het stokken van mijn adem, het verkleinen van de wereld rondom mij tot er niets meer rest dan het suizen van mijn eigen gedachten en de wreedheden die ze me toefluisteren. Zonder ontkomen, zo lijkt het wel. Dat gevoel, die pure reddeloosheid en doodsangst, ik wens het zelfs mijn ergste vijand niet toe.

Maar gelukkig is er zelfs nu een positieve noot. Het beestje heeft een naam: chronische hyperventilatie. Kort door de bocht komt het erop neer dat mijn lichaam zich al zolang in een vecht-vlucht modus heeft gehuld, dat het niet meer weet hoe het zich moet ontspannen. Mijn lichaam en emoties zitten als het ware in een harnas gevangen. Een bankschroef van spanning die ik nu geleidelijk aan terug losser leer maken. Een confronterend maar bevrijdend proces. Ik schrik er zelf van hoeveel emoties er vrijkomen bij het ontpannen van – ik zeg maar iets – mijn armen of benen. Alsof alle angst en onzekerheid zich van mijn kruin tot in de uiterste toppen van mijn vingers en tenen heeft opgestapeld en op een gegeven moment moest vaststellen: oeps, er is geen plaats meer in dit lijf. Dat is het ogenblik dat het letterlijk uit mijn voegen is gebarsten. Het moment waarop ik al die gevoelens en gedachten niet langer in mij kon houden, omdat er simpelweg geen ruimte meer was.

Dat besef is al heel wat. Het is de eerste stap in mijn lange proces naar herstel. Want dat is wat ik doen moet: het natuurlijke evenwicht tussen spanning en ontspanning herstellen. Een constante evenwichtsoefening, zeg maar. Het voortdurend zoeken van de balans tussen beide, met één stap voorwaarts en twee stappen terug, of omgekeerd, in het beste geval.

Maar het is wat het is: een begin. En alle begin is moeilijk. Om naar een ander cliché uit één van de voorgaande blogs te verwijzen: “what doesn’t kill you, makes you stronger”. Al voelt het soms vreselijk bedreigend, aan angst op zich, ga je niet dood. Of het mij sterker gemaakt heeft, daar kan ik nog steeds niet volmondig “ja” op antwoorden. Maar het heeft me in elk geval bewuster gemaakt van de waarde van het leven en hoe ik mij daartoe verhoud. Ik beweer geenszins de waarheid in pacht te hebben, maar ik maak voor mezelf vaker dan vroeger de afweging om te kiezen voor die dingen die energie geven en ik durf al eens een perfectionistisch steekje te laten vallen. Of dat mij sterker maakt, weet ik niet. Het maakt me menselijk. En hopelijk – op termijn – weerbaarder. Misschien zou het spreekwoord moeten zijn: “what doesn’t kill you, makes you more alive”, in de letterlijke en figuurlijke betekenis van die laatste twee woorden. Laat mij maar bewust worden van dat levend zijn en terug het genot vinden in al het mooie dat het leven ons te bieden heeft.

4 Reactie's
  • Ingrid Isetentant
    Geplaatst op 19:06h, 25 april Beantwoorden

    Weerom een enorme open blik in je diepste zijn.Daar is moed voor nodig, maar die worsteling en zoektocht heeft je zeker sterker gemaakt al voel je dit niet steeds. Hoe je dit alles zo krachtig kunt verwoorden ….echt een talent om trots op te zijn. Ik ben trots je mama te zijn.👍

  • Dorien Damad
    Geplaatst op 04:50h, 26 april Beantwoorden

    Prachtig beschreven! Wat een woordkunstenaar! Knap, die kwetsbaarheid die je durft tonen!

  • Jan Vandenabeele
    Geplaatst op 08:14h, 26 april Beantwoorden

    Een sterk staaltje van introspectie . Gedurfd – jezelf zo kwetsbaar en eerlijk op te stellen .
    Mijn conclusie : je moet nu zéér véél proberen los te laten .

    Neem TIJD terug voor jezelf en voor het opschonen van het tekort aan ruimte in je vorige leven .

    DURF jezelf te zijn zonder perfect te moeten zijn.

  • Nele Hermie
    Geplaatst op 07:40h, 29 april Beantwoorden

    Lieve Elfi, wat een moedige en krachtige getuigenis. Weet je, ik vind dat het ontzettend wordt onderschat, die onrust waarmee je blijft worstelen na de moedige strijd die ook jullie streden. En daarom is het goed dat er mensen zijn die het durven benoemen, zodat anderen het weer herkennen en we er samen beter van worden. Hannes Coudenys (die een zoontje heeft uit hetzelfde weeshuis als onze dochter) maakte er onlangs deze vlog over, misschien biedt het jou ook steun: https://www.youtube.com/watch?v=v7XP4Bdrjcc. En verder wens ik je heel veel rust en liefde toe en een extra portie geluk. Dat het beste nog mag komen…
    Hartelijke groet, Nele.

Geef een reactie